|
DE AVONDUREN VAN
MENEERTJE P. (deel 7)
De huishoudbeurs in gevaar
Een
mevrouw had aan de deur gebeld, ze kwam collecteren voor de
natuur. Meneertje P. hield wel van natuur, mits degelijk
aangeharkt. Of de wilde dieren zijn zuurverdiende geld wel
redelijk zouden besteden ging er bij hem niet helemaal in, maar
dat wilde de mevrouw wel uitleggen. Het was een ingewikkeld
verhaal en meneertje P. bedacht dat de natuur wellicht
verstandiger deed een gedegen rechtsbijstandverzekering te nemen.
Soms
gaat het echter zo dat van het een het ander komt, hoezeer
meneertje P. dat ook probeerde te voorkomen. Denkend aan
verzekeringen sprak meneertje P. de collectemevrouw aan op de vele
slachtoffers die natuurrampen maken en dat geven aan de natuur dus
eigenlijk iets is als het ongeluk over je afroepen. Iets als
orkanen sponsoren, en dat was heel wat voor meneertje P. die het
niet zo op meningen had. De natuurmevrouw was het daar niet mee
eens en kon het hierop niet nalaten haar stem te verheffen en wel
zo dat ze het vast tot op nummer 18 moesten kunnen horen en
meneertje P. dus moest vrezen dat men hem kon gaan verdenken van
politieke sympathieën. Vanzelfsprekend was meneertje P. democraat,
maar in het nette. Stemmen was een burgerplicht want de koningin
voor een lege Staten Generaal laten spreken, dat had geen pas. En
denkend aan het spreekwoord van zijn moeder 'waar gekijfd wordt
aan de deur heerst binnen oorlog' had hij haar om van de zaak
af te zijn twintig hele eurocenten gegeven.
In een
geregeld huishouden moet een dergelijke onvoorziene uitgave ergens
op de huishoudportemonnee worden gekort en omdat het om de natuur
ging had hij die avond na lang beraad besloten het op zijn
tuinbudget te korten. Hij zou voor twintig cent minder
bestrijdingsmiddelen kopen en nu hopen dat hij de natuur met die
achterstand komend jaar in de hand wist te houden. Want er zijn
vast om minder aardbevingen geweest.
En
morgen na het werk op de postkamer extra harken zodat de buurtjes
de AIVD niet bellen. |