|


reageren
deze week
vorige
index
colofon
|
|

Náchod |
Steunkousig
In het stadje hoog in de
bergen hadden ze in september nog buiten kunnen eten, de
avondlucht was aangenaam. Ze hadden veilig van de kaart besteld, dat
wat ze van thuis kenden, maar er was toch een dingetje nieuw
tussendoor gekomen. En of het aan de zwoele avond lag, ze hadden
wild gedaan en het toch gegeten. Achteraf vroegen ze wat het was,
hadden ze toch weer wat te vertellen thuis.
Daarna zei zij,
Kreislauf-Duitse 'ich kann nicht mehr' en ging steunkousig
lopend terug naar de hotelkamer. Hij liep de andere kant uit en ik
wist, hij gaat nog even de auto controleren. De auto die recht
onder het hotelraam stond. De mens leeft voort in
nietszeggendheid. |
|
Zaterdag 2 september 2006 |
|
Isolatie
Mělník,
waar de Moldau in de Elbe mondt, is uitgestorven. Het is
zaterdagmiddag en de winkels zijn dicht, de laatsten die die
ochtend in de winkels hebben moeten werken, zijn nu ook
vertrokken. Straten zijn leeg, nooit zulke lege straten gezien.
Allen zijn ze dat overweldigende uitzicht in dat je van de
wijnberg ziet.
De enige resterende bewoners
- of eigenlijk meer hun resten - bevinden zich in de knekelkapel.
Geen kunstwerk zoals die bij
Kutná Hora (onder
16 juli), hier is luguber gestapeld. En een ding is zeker: de
knekels van vele doden isoleren prima. |
 |
 |
Hoe je het ook wendt of keert,
de dood is je eerste geboortegeschenk... |
|
...en het leven is uiteindelijk
altijd verliezen, want hij die niets kwijtraakt heeft niets gehad. |
 |
 |
Gastvrij
Na een
lange gedeeltelijk nachtelijke reis aangekomen in het gehuchtje
Hostín nabij Mělník in Tsjechië. De naam van het plaatsje heeft
met het Tsjechische woord gast te maken en dat maakt het in al
zijn facetten waar. Na een avond ken ik dankzij het gemeentelijk
in stand gehouden cafeetje al een gros der inwoners en een ieder
is even vriendelijk.
En
zoiets lukt toch alleen in een plaats waar je gastvrij
geďntroduceerd wordt. |
|
Donderdag 31 augustus 2006 |
 |
Mulisch
Een
straatschender met enige onderlegdheid haalt de van oorsprong
Tsjechische schrijver Harry Mulisch aan. En dan denk ik steeds aan
het Propia Curis dogma 'Het leed dat Harry Mulisch heet'.
Alien 84 noemt de spuiter zich. Mulisch zelf schreef een pleidooi
voor Fidel Castro.
Rest mij
de vraag of als graffiti goede propaganda wordt, of het dan altijd
slechte graffiti is. |
|
Woensdag 30 augustus 2006 |
| |
- Tegeltje: verstand komt met de jaren, maar wijzer wordt
men er niet van.
|
 |
Zien en niets doen
Een
driftig mannetje werkt aan de overkant, hij plaatst brievenbussen
in de recent gerenoveerde woningen. Zijn mimiek is druk. Elk
ogenblik, elk wimperknippen, een ander gezicht, ik hoor hem niet
maar zijn praten moet geagiteerd zijn. In zijn bewegen is hij een
en al hyperactief, het type dat het bouwaggregaat 's ochtends
direct aanzet voor de herrie, terwijl het dan enig nodige
koffiezetapparaat zonder kan. En de radio het liefst op twee
zenders gelijk en dan een nog ander lied meezingen.
Hij
wijst voortdurend op een manier alsof iets naderbijkomends hem
bedreigd, je verwacht dat hij elk ogenblik kan gaan slaan. Die
vrees werd gelukkig niet bewaarheid toen ik zag dat er een brave
ambtenaar der gemeente hem een parkeerbon gaf.
Hij zal
pas doordraaien als ie merkt dat hij met al zijn drukte zes
brievenbussen plaatste. Helaas voor acht woningen. |
 |
- Met de cultuurpas voor jongeren wordt een snackbar in het
Rijksmuseum rendabel...
- Hij leefde snel. Zelfs over zijn graf liet hij geen gras
groeien.
|
|