|
De gezonde doorstroming
Met L. maakte
ik een Hrabal-wandeling door Nymburk, het verslapen stadje waar een
groot gedeelte van het oeuvre van deze schrijver zich afspeelt. De
wandeling - waarbij we het overigens meer over grafische vormgeving en
architectuur hadden en daarnaast nog iets als het leven - eindigde in de
brouwerij waar hij opgroeide. Bij het uitschenkpunt aan de straat waar
altijd wat oudere of anderzijds vervallen heren een biertje drinken
kregen we te horen dat we de brouwerij niet in konden. Nu geloof ik niet
in plaatsen waar je niet in kan, met voor mij slechts een uitzondering:
de hemel. Ik heb van Satan persoonlijk op mijn zesde al te horen
gekregen dat ik ten allen tijden politiek asiel in de hel kan krijgen.
Het plan werd
bij een biertje gesmeed: omdat L. zowel Nederlands als Tsjechisch
spreekt zou zij mijn tolk spelen. Ik een arrogante Nederlandse
journalist, een rol die mij goed ligt. Bij gebrek aan perskaart - ja, ik
heb wel ergens een oude - gebruik ik dan altijd in het buitenland mijn
NS-Kortingskaart. Lukt altijd.
Even later
waren we dan ook - na de strikte bewaking en een erbij geroepen persoon
afgebluft te hebben - op het terrein achter de onverbiddelijke slagboom.
Echt boeiend was het niet, maar daar gaat het vooral ook niet om.
Het monument
was terecht: 'Ik wil niet herdacht worden.'
Na de voordeur
waar hij vele malen doorheen is gegaan te hebben gezien, deed ik daar
tegenover tegen een muurtje een plas. Klein geurspoortje. En dat zal ie
me niet kwalijk nemen: Hrabal wist als geen
ander dat je van bier plassen moet. |