|


reageren
deze week
vorige
index
colofon
|

|

Mijn communieklas |
Rooms Kannibaal
Godsdienst is niet aan mij besteed. Ergens voordat ik voor het
eerst het sacrament van de Heilige Communie mocht ontvangen,
verscheen mij - alleen in de kerkbank achtergelaten door mijn
ouders die ter communie gingen - een oude boer die de duivel was.
Net als de pastoor die witte hostie omhoog hield, hield deze boer
een zwarte hostie omhoog. Eentje van drop. Of ik die wilde.
Toen
mijn ouders terug
|
| |
kwamen
devoot zuigend op hun hostie, waarop men niet kauwen mag - je
krijgt het lichaam van Christus in je mond gelegd en je mag er
vervolgens alleen op sabbelen - zat ik daar in die kerkbank
vrolijk kauwend op een drop van zeker vijf cent waarbij het
dropwater me uit de mond liep. Op hun gefluisterde vraag hoe ik
daar aan kwam zei ik van die meneer in de bank voor ons. Wat ze
beantwoordden met dat daar helemaal geen meneer gezeten had. Echt
absoluut nooit niet. Ik
onderhand, stikte bijna in die drop die te groot voor een
kindermond was.
Niet
veel later had ik generale repetitie voor het na de doop volgende
sacrament. Bij die generale repetitie zouden we een hostie
krijgen, ongezegend en dan telt het niet, maar wist ik veel. Zoals
altijd in die tijd stonden we opgesteld - jongens rechts, meisjes
links - in orde van grootte de kleinste vooraan en dat was ik dus.
En ik kon niets anders geloven dan in een god die met
bliksemschichten strafte en doodde en mij was altijd verteld dat
wie het sacrament niet had gehad en toch een hostie at een
doodzonde beging. En ik dacht dat deze generale repetitie alleen
maar bedoeld was om dat te bewijzen en dat het kleinste jongetje
en het kleinste meisje daarvoor geofferd zouden worden, want die
waren toch maar klein. Maar gedwee als ik was zag ik geen ontkomen
aan mijn lot, ontving de hostie en terwijl ik het altaar achter in
doodsangst afwankelde dacht ik nu komt die bliksemschicht en dat
branden in de hel voor altijd. Vreemd genoeg haalde ik de rij
achter weer en keek de grootste een beetje jaloers naar de
kleinste die al een hostie had mogen proeven en dus het echte
Roomse geloven maar ter plekke viel ik van
mijn geloof. Geen bliksemschichten, geen hemel.
Sindsdien dacht ik elke keer dat ik ter communie ging en de
pastoor me de hostie gaf onder het murmelen van lichaam van
Christus altijd en ik krijg het stuk van tussen z'n tenen. En een
van de laatste keren heb ik gevraagd om een stuk uit de palm van
zijn hand, maar van Hem restten toen ook al slechts sukadelappen. |
 |
Dirty Old Town
Vier
Limburgers zitten bij elkaar in de plaats waar ze school gingen,
ze hebben het nodige bier geledigd en als het dan diep in de nacht
is en ze terugdenken aan hoe mooi
Shane MacGowan dat ook
alweer zong besluiten ze hun beperkte muzikale kwaliteiten vast te
leggen op een mobiele telefoon, dan heb je dit soort
burengerucht.
(Namen van deelnemers om
privacyredenen niet vermeld, dus ik zeg ook niet dat ik meedeed). |
| Pad in de stad, met
zelfgebouwde huisjes en oude woonarken. Zo'n voor een stad
noodzakelijk rafelrandje, dat ontsnapt aan de regulering. |
 |
- Nieuwe aandoeningen: Peter had hypotheekgriep.
- Zie het leven positief: eens in de vijf jaar is er een
dag dat je paspoort meer verlopen is dan jezelf.
- De buurman houdt niet zo van cultuur: 'Bach luisteren met
je ogen dicht? Ik luister het altijd met mijn oren dicht!'
- A2 verbreed tot tien rijstroken. Zodat je in de file
kan staan om van de buitenste op de afrit te komen.
- Verrijkte Iran haar bevolking maar...
- ... al was het alleen maar geestelijk.
|
 |
|

Le Canard Enchaîné
(een satirisch blad dat ik allen al om de lay-out zou kopen) schrijft over
een
smeergeldaffaire van
Chirac.

Lezer G. stuurde me gisteren de
verklaring van warmoes uit het
WNT, het Woordenboek der Nederlandse Taal. U leest het
hier. |

Holleeder
Holleeder's criminele
compagnon, jeugdvriend en
schoonbroer Cor van Hout werd in 2003 begraven op begraafplaats
Vredenhof langs de Haarlemmerweg in Amsterdam. De begrafenis was
betaald door Holleeder zelf, terecht ook want hij had hem ook zelf
laten vermoorden. De top van de onderwereld zou er opdagen.
Ik kwam er op de dag van de
begrafenis langs en trof buiten iemand die onderzoek deed naar
vastgoedspeculatie en die zei dat je onmogelijk de begraafplaats
op kon. Nu geloof ik niet zo in het niet mogen betreden van
openbare plekken en zeker als dit door een particuliere
bewakingsdienst wordt afgedwongen. En ik had die dag toevallig ook
nog een via een duister traject verkregen trui van datzelfde bewakingsbedrijf
aan:
ik liep dus ongestoord de verder verlaten begraafplaats op.
Van achter een grafsteen
maakte ik wat foto's: er werden twee vrachtwagens met bloemen
uitgeladen. Toen de voorbereidingen op hun eind liepen zei m'n
camera opeens piep en bedoelde daarmee dat de batterijen op waren.
Ik weet niet of ze de piep konden horen.
Door inmiddels een cordon
aan bewaking liep ik naar buiten. Ik had de foto's van m'n leven
kunnen maken, maar het had me wel een kogel kunnen kosten. Als
vier lege hulzen haalde ik de batterijen uit mijn camera.
De bewuste foto's ben ik even kwijt,
dus daarom maar eentje van een trein langs een meer (wel zo veilig
ook). |
 |
Warmoes
Wat
warmoes is, is een warboel. Kijkt men op internet dan ontstaat de
indruk dat hetzelfde zou zijn als snijbiet, een op zich al
vergeten bladgroente. Echter dat is het niet, weten anderen te
vertellen: het zou een snijbiet gelijkende groente zijn. Maar
laat ik u vertellen dat de Warmoesstraat, een van de oudste
straten in Amsterdam daar niet naar genoemd is. Geert Mak zegt in
zijn 'Een kleine geschiedenis van Amsterdam' 'Die straat
heeft waarschijnlijk zijn naam te danken aan de groentekwekerijen
en moestuinen die daar ooit hebben gelegen.' Maar sla ik
woordenboeken na, dan is men het slechts over een ding eens, het
woord is verouderd. Mijn verouderde woordenboek spreekt over
bladgroente of moesgroente, het andere een Vlaams weer slechts
over groente.
Een
vaste respondente - vaak op taalkwesties, en daar meestal gelijk
in hebbend - op deze site meende weer dat het specifiek om onder
glas verbouwde groente ging, haar etymologisch woordenboek verwees
naar warme groente in de betekenis van van de warme
grond in tegenstelling tot de koude grond. Maar de
Warmoesstraat is ergens rond 1170 ontstaan, glastuinbouw lijkt mij
toen niet aan de orde: glas was enorm duur in die tijd. Onroerend
goed belasting werd zelfs een tijd geïnd op het aantal ramen dat
een huis had. Maar, de betekenis van een woord kan door de tijd
evolueren.
Warmoezenier, ook warmoezier en warmoezerij daar zijn de
woordenboeken het wel weer over eens, dat zijn een groentekweker
en een groentekwekerij. En tot besluit de Stadsatlas Amsterdam:
die vertelt me allereerst dat het noordelijk deel van die straat
tot aan de Oude Kerk tot aan de zeventiende eeuw gewoon Kerkstraat
heette en het zuidelijk deel dat altijd al Warmoesstraat heette
was genoemd naar de groentemarkt die daar ooit gelegen zou hebben.
Ikzelf hou het dus op groente, zonder inperkingen.
Gelukkig
kunnen we over ooft kort zijn: dat is gewoon fruit. Alhoewel, het
ene woordenboek spreekt van vruchten en de ander van fruit of
boomvruchten... |
 |

- Als ik voor de Privé zou schrijven wist ik het wel deze
week: 'Hoe is het nou vier jaar later met de hondjes?'
- Willem-Alexander... Waterdeskundige doet me altijd
denken aan beredeneerd pissen...
- Willen beleven hoeft niet door steeds een andere
spannende vakantiebestemming. Dat kan ook door eens te kiezen
voor een ander merk toiletpapier.
|
|